Experiment sociale innovatie - Wat is er gebeurd?

De start: dromen in beeld
Als start hadden de experimenterende teams in 2011 inspirerende sessies waarin nieuwe ideeën vanuit verschillende invalshoeken naar boven kwamen. Medewerkers konden hun dromen uiten over de beste zorg en leefplek voor cliënten en de beste manieren om die zorg als collega’s samen te kunnen bieden. Voor elk van de drie verpleeghuisafdelingen is op basis daarvan een houtskoolschets gemaakt voor een nieuw zorgorganisatiemodel. Die schetsen geven op hoofdlijnen aan hoe de nieuwe zorg en de leefomgeving eruit kunnen zien. En hoe het team met elkaar wil gaan samenwerken en leren. De schetsen zijn besproken met de cliënten en hun families. Met hen is gesproken over wat zij anders willen in de zorg, de leefomgeving, de dagbesteding.

De cliënt en de familie komen volgens de ontwikkelde ideeën veel meer centraal te staan. Zij krijgen de ruimte om de volledige regie over de zorg op te pakken en de familie neemt ook deel aan het leven in het huis. Een uitgangspunt is bijvoorbeeld dat het huis het thuis is van de cliënt en dat familie makkelijk en laagdrempelig bij zijn of haar familielid op bezoek gaat. Net als vroeger. Voor een gesprekje of om even met iets te helpen. De medewerkers werken als het ware bij cliënten thuis. Ook wordt de familie al ruim voordat een cliënt in het huis komt te wonen meer bij alles betrokken. ICT en nieuwe technologie spelen een grote rol voor professionals om hun dromen te kunnen realiseren. Een idee in de schetsen is ook dat een digitale community het contact ondersteunt en bijdraagt bij aan de betrokkenheid.

Daarna: ontwerpen
In aansluiting op de houtskoolschetsen werden in het najaar van 2011 concrete stappen ontwikkeld op weg naar een nieuw zorgorganisatiemodel en de implementatie ervan in de bestaande werkorganisatie. Enkele voorbeelden van die uitwerking zijn: 
 

  • samenstelling van kleinere teams met meer zelfsturing rond een kleinere groep cliënten; leidinggevenden komen meer op afstand en krijgen een meer coachende rol;
  • dialoog voeren met familieleden van cliënten over het verbeteren van de levenskwaliteit van hun familielid en samenwerking om tot de benodigde goede zorg te komen;
  • participatie en regie van cliënt en familie wordt gestimuleerd door familiebijeenkomsten, waarin ook de medewerkers een belangrijke rol hebben;
  • ook wordt een digitaal familienet opgezet waarin heel praktisch de betrokkenheid en deelname van familie aan activiteiten kan worden georganiseerd;
  • het betrekken van de cliënt en mantelzorgers bij de rapportage over de zorg door hen direct inzage te geven in het zorgdossier en samen met de cliënt te rapporteren.
  • een veel beperkter wijze van rapporteren met minder ervaren administratieve lastendruk bij medewerkers en toewerken naar meer digitalisering daarvan.

 
Vervolgens: invoeren en borgen
Begin 2012 is gestart met de daadwerkelijke invoering van de veranderingen in de dagelijkse praktijk. En met alles wat daar in organisatorische zin bij komt kijken. Zo zijn de kleinere teams aan de slag gegaan. En krijgen ze “met vallen en opstaan” steeds meer de smaak te pakken van een grote zelfstandigheid in het werk, in samenspraak met de cliënten en de familie. Medewerkers en leidinggevenden groeien steeds meer in hun nieuwe rollen. En ook zijn stappen gezet in het gebruik van meer digitale mogelijkheden zoals bij het (beperkter) rapporteren over de zorg: alleen datgene dat echt noodzakelijk is wordt nog vastgelegd. Al werkend en lerend worden de plannen ingevoerd. In de zomer van 2012 wordt deze invoeringsfase afgerond. De effecten van alle vernieuwingen op de kwaliteit van zorg, arbeid en bedrijfsvoering zal gaandeweg ook steeds meer in beeld komen, met een afronding in 2013.

En dan: verspreiding van opgedane ervaringen
In het najaar van 2012 komt er een beschrijving van in het experiment opgedane kennis, ervaringen en gebleken randvoorwaarden. Andere zorgorganisaties in de branche kunnen daar gebruik van maken. Het wordt geen blauwdruk, want iedere organisatie heeft zijn eigen context en slaagfactoren voor vernieuwing van zorgorganisatiemodellen en daarbij noodzakelijke sociale innovaties. De verspreiding van de kennis wordt langs diverse wegen opgepakt. Onder andere via websites en met mogelijkheden tot verdere kennis- en ervaringsuitwisseling in een netwerk van zorgorganisaties, dat ActiZ wil faciliteren.

Ook binnen BrabantZorg worden initiatieven genomen waarmee locaties die niet aan het experiment deelnamen gebruik kunnen maken van de in het experiment opgedane inzichten.