Skip Navigation LinksOpiniestuk-mondmaskers

 Opiniestuk "Wie wordt hier nu voor het lapje gehouden?"

​De druk op preventief gebruik van mondmaskers neemt de laatste weken sterk toe in Nederland. Stel dat onze overheid tot een dergelijk besluit komt, hoe moet dit voor onze sector voelen?

"Twee maanden lang hebben zorgmedewerkers naar eer en geweten hun werk gedaan en in één keer gaan alle andere beroepsgroepen preventief mondkapjes gebruiken. Hoe leg je dit uit?".

Bestuurders Steven Han (Land van Horne) en Charles Laurey (ZuidZorg) schreven er samen een opiniestuk over dat mede ondertekend is door 23 zorgorganisaties, waaronder BrabantZorg.  

Lees hieronder het opiniestuk.

Wie wordt hier nu voor het lapje gehouden?

Iedereen kent de beelden van de intensive cares waar dappere collega’s hun best doen om erg zieke burgers bij te staan en het leven te redden. Velen realiseren zich niet dat buiten de ziekenhuizen ook ruim 400.000 zorgmedewerkers zich elke dag inzetten voor het verzorgen en ondersteunen van kwetsbare burgers. Dit gebeurt zowel in het verpleeghuis als in de wijk, thuis achter de voordeur waar veel ouderen, of mensen met een verstandelijke beperking, zorg krijgen van hun vertrouwde verpleegkundige of verzorgende.

Al deze mensen doen dit al ruim acht weken onder moeilijke omstandigheden. Want ook als er sprake is van coronabesmettingen wordt de zorg gecontinueerd en proberen onze collega’s het leed voor cliënten en hun naasten te verzachten. Terwijl zij dit werk doen, lopen zij zelf ook het risico om besmet te worden en dat geeft onzekerheid, voor henzelf, maar ook voor hun gezin en familie. Onze collega’s realiseren zich dat ze zelf ook hun cliënten kunnen besmetten, en dat valt extra zwaar.

De behoefte aan meer wetenschappelijke kennis over de verspreiding van het virus is groot. Het RIVM is de instantie in Nederland die op basis van de laatste wetenschappelijke inzichten richtlijnen voor zorgverleners ontwikkelt. Zo heeft het RIVM voor gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen in verpleeghuizen en wijkzorg een richtlijn opgesteld waarin wordt aangegeven dat het gebruik van een mondmasker alleen nodig is bij een corona positieve of verdachte cliënt. Hierbij geldt dat de zorgmedewerker zelf geen corona gerelateerde klachten moet hebben. Met andere woorden: preventief gebruik van mondmaskers bij niet-coronacliënten is niet nodig en wordt in het advies van het Outbreak Management Team op 20 april zelfs afgeraden!

Onze zorgmedewerkers werken dus al acht weken in deze situatie en al die tijd hebben wij onze zorg op basis van de richtlijnen van het RIVM uitgevoerd. Wij begrijpen dat het preventief inzetten van een mondmasker bij zowel onze collega’s als bij de cliënten voor een beter gevoel van veiligheid kan zorgen. Tegelijkertijd begrijpen wij echter ook de inhoudelijke argumenten van het RIVM en ook hun zorgen dat het preventief gebruik van mondmaskers een schijnveiligheid teweeg kan brengen en dat door veronachtzaming van de hygiënevoorschriften, de kans op besmettingen juist zou kunnen toenemen.

De druk op preventief gebruik van mondmaskers neemt de laatste weken sterk toe. Diverse collega-zorgorganisaties konden de druk niet weerstaan en zetten de maskers nu in bij iedere cliënt. Deze bestuurders geven aan dat ze hiermee hun verantwoordelijkheid nemen. Maar dat is nog maar de vraag. Het gevolg is namelijk dat de beschermingsmiddelen nu nog schaarser worden. Daarnaast wordt het voor de collega-zorgorganisaties die volgens de RIVM richtlijn werken, nog moeilijker om cliënten en familieleden te overtuigen dat het preventief inzetten van een mondmasker alleen nodig is als er een verdenking op corona bestaat. Verpleegkundigen en verzorgenden (in de wijk) worden inmiddels regelmatig aangesproken op onverantwoord gedrag en de eerste juridische claims zijn ook al binnen.

Nu het openbare leven weer voorzichtig opstart, neemt het publieke debat over het gebruik van mondmaskers toe. In dit debat ligt de richtlijn die het RIVM voor de zorg heeft opgesteld onder vuur. Overwogen wordt om mondmaskers standaard voor contactberoepen zoals kappers en nagelstylisten te verplichten, maar misschien zelfs ook voor alle reizigers​ in het openbaar vervoer.

In het geval dat onze overheid tot een dergelijk besluit zou komen, stelt u zich dan eens voor hoe dit voor onze sector moet voelen? Twee maanden lang hebben 400.000 zorgmedewerkers met gevaar voor eigen gezondheid hun werk naar eer en geweten gedaan en in één keer gaan alle andere beroepsgroepen en wellicht ook de reizende burger preventief mondkapjes gebruiken. Hoe leg je dit uit aan al die medewerkers? Bovendien zullen we hierdoor waarschijnlijk direct geconfronteerd worden met de tekorten aan beschermingsmiddelen in de zorgsector.

En als de overheid morgen zegt dat de gehele zorgsector dan ook maar preventief mondkapjes moet gaan gebruiken, dan nog hebben wij een groot probleem. 400.000 zorgmedewerkers die allemaal 3-4 mondkapjes per dag nodig hebben komt al gauw neer op ongeveer 1,5 miljoen mondkapjes per dag. Wie kan garanderen dat deze aantallen voor al onze collega’s beschikbaar zijn?

Wie heeft deze mondkapjes eigenlijk het hardst nodig? Wat ons betreft de mensen waar heel Nederland op 12 maart voor heeft geklapt.

Auteurs

Steven Han, voorzitter raad van bestuur Land van Horne (Limburg en Noord-Brabant)
Charles Laurey, voorzitter raad van bestuur ZuidZorg (Noord-Brabant)

Medeondertekend door de bestuurders van de volgende organisaties

Actief Zorg
Amalia Zorg
Archipel
Archipel Thuis
BrabantZorg
De Rijnhoven
De Zorgboog
Driezorg
IJsselheem
IVT Thuiszorg
Joris Zorg
La Providence
ORO Zorg en Ondersteuning
Park Zuiderhout
Proteion Rosengaerde
Sint Annaklooster
Sint Jozef Wonen en Zorg
St. Elisabeth Roosendaal
Valkenhof
Zonnehuisgroep IJssel-Vecht
Zorgcentrum Vincent de Paul
Zorgverlening Het Baken