Meten

Goede veilige zorg, waar en wanneer dat nodig is. Cliënten moeten erop kunnen vertrouwen dat ze op Sint Jan in veilige handen zijn. Om die veiligheid te waarborgen, voeren we verschillende audits (zowel intern als extern) en kwaliteitschecks uit.

Audits

Door middel van waarderend auditen meet locatie Sint Jan de kwaliteit van haar zorg- en dienstverlening. Tijdens deze waarderende audits vindt een gesprek en zorgdossiercheck plaats met de betrokken zorgmedewerkers, behandelaren en auditoren. Hier wordt stilgestaan bij wat goed gaat (waar zijn we trots op) en welke onderdelen hebben verbetering nodig. In 2019 heeft BrabantZorg twee audits ontwikkeld: palliatieve zorg en persoonsgerichte zorg. In deze laatstgenoemde audit is observatie hiervan een nieuw onderdeel.​

Palliatieve zorg

Waar mogen we trots op zijn:

  • De zorg gaat zelf in gesprek met de bewoner en familie over de wensen wat de bewoner nog wil.
  • Er is goed in beeld wat een bewoner nog wil op verschillende gebieden als de bewoner dit zelf kan aangeven.
  • De samenwerking tussen verschillende disciplines, er zijn korte lijnen waardoor de verschillende disciplines worden ingeschakeld daar waar nodig.

Waar gaan we aan werken:

  • De vragen over levensbeschouwelijke zaken: de zorg vraagt ze wel aan de bewoner en zorgt er eventueel voor dat er een geestelijk verzorger wordt ingeschakeld of een andere discipline, maar dit kan beter​.

  • Meer gesprekken voeren met bewoners die niet vanuit zichzelf aangeven wat ze nog willen en op welk moment​.

  • Door de verschillende palliatieve fases te markeren, kunnen we sneller de juiste zorg inzetten en in gesprek gaan met de bewoner en diens naasten over de toekomst en hun wensen​.

Checks 

Schoonmaakonderhoud 

Op alle locaties worden twee keer per jaar schoonmaakchecks gepland. Deze checks worden in de meeste gevallen samen met de voorwerkster uitgevoerd. Het doel van het uitvoeren van deze checks is om de huishoudelijke dienst in de locaties te kunnen ondersteunen in de juiste uitvoering van hun werkzaamheden. Uit de checks komen tips en adviezen om het kwaliteitsniveau van het schoonmaakonderhoud binnen de locaties op een goed niveau te houden of op een hoger niveau te krijgen.

De schoonmaakchecks worden volgens een erkend schoonmaakcontrolesysteem gedaan, namelijk VSR-KMS (Vereniging Schoonmaak Research-Kwaliteit Meet Systeem). Tijdens de check wordt er in een aantal, door de computer bepaalde, ruimten (steekproefsgewijs) gekeken hoe de stand van zaken van schoonmaakonderhoud is in deze ruimten. Van elke check wordt een verslag gemaakt dat wordt opgeslagen op de interne site van BrabantZorg zodat medewerkers van elkaar kunnen leren.

HACCP, oftewel voedselveiligheid 

In de huiskamers waar zelf wordt gekookt, moet de Hygiënecode voor voedingsverzorging in kleinschalige woonvormen gehanteerd worden. Om de voedselveiligheid voor onze cliënten te kunnen waarborgen, moeten medewerkers op de hoogte zijn van de inhoud van deze hygiënecode. Vanuit de hygiënecode is ook vastgelegd dat organisaties een keer per jaar een HACCP-check moeten uitvoeren in de huiskamers waar zelf wordt gekookt. Middels deze HACCP-check wordt gekeken in hoeverre er in de huiskamers aan deze richtlijnen wordt voldaan. De check bestaat uit een vragenlijst met 36 vragen. Van deze HACCP-check wordt een verslag gemaakt dat wordt opgeslagen op de interne site van BrabantZorg zodat medewerkers van elkaar kunnen leren.  ​

Veiligheid RI&E

 De veiligheidsscan is een instrument dat (periodiek) het niveau van (brand)veiligheid meet in een locatie van BrabantZorg. De veiligheidsscan wordt bij iedere locatie jaarlijks uitgevoerd en heeft als doel het kenbaar maken van ​risico’s die mogelijk kunnen leiden tot onveilige en gevaarlijke situaties. Met de vastgestelde aandachtspunten kan een team of locatie aan de slag om een veiligere werk- en leefomgeving te creëren. 

De veiligheidsscan wordt uitgevoerd op vier hoofdonderwerpen:  

  • Organisatorisch: hoe worden de zaken rondom veiligheid door medewerkers uitgevoerd?
  • Bouwkundig: hoe is de veiligheid van het gebouw (denk aan vluchtwegen, gebruikte materialen, compartimentering etc.)?
  • Installatietechnisch: hoe is het gesteld met de installaties en de veiligheid ten aanzien van (elektro)technische zaken?
  • Beleid: wat is er wel en niet geborgd in beleid?